Nederlandse Stripgeschiedenis

Gerrit Stapel

Athi
Athi

Na enkele jaren kantoorwerk trad Gerrit Stapel (geb.19 mei 1921) in 1942 in dienst bij de filmmaatschappij Bavaria, waar hij op de tekenfilmafdeling werd geplaatst. Na de oorlog tekende hij politieke prenten in Het Parool en daarna in Het Vrije Volk, waarin ook zijn eerste strip verscheen ('Hoedje').
Otto, tekening Gerrit Stapel (1956)
In 1952 kwam hij als free-lancer bij de Toonder Studio's en leverde illustraties en strips voor Pum Pum, de jeugdbijlage van Het Laatste Nieuws. Hij tekende de illustraties bij het laatste gedeelte van 'De Jeugd van Eric de Noorman' (1953-1955) en maakte in dezelfde periode de strip 'Ramat', die in het verre verleden speelde.
Martin Evans
Voor verschillende dagbladen en het weekblad Kris Kras startte Stapel (rond 1955) de middeleeuwse strip 'Otto van Irtin', waarvan hij 22 verhalen tekende (tekst: o.a. Lo Hartog van Banda). Kort na het start van de strip gaf Het Volk de eerste vijf verhalen in boekvorm uit en een paar jaar later verschenen nog eens drie delen bij Wolters-Noordhoff. Eveneens voor de Toonder Studio's tekende Stapel (op tekst van Lo Hartog van Banda) enkele verhalen van de science-fiction strip 'Martin Evans'.

Student Tijloos
Student Tijloos

"Na student Tijloos, ook met Hartog van Banda, heb ik Joris Valckenier getekend. Daarvoor heb ik het verhaal grotendeels zelf geschreven, waarbij Marten Toonder optrad als een soort mentor. Ik geloof dat de betrokkenheid van Marten Toonder ook wat te maken had met het feit dat zijn vader er zich voor interesseerde. Dat was een oud zeeman en scheepsmodellenbouwer en die heeft me wel eens complimenten gemaakt over mijn schepen, dat ze er goed uitzagen en dat het klopte hoe ze bezeild werden. Daar was ik heel trots op, vooral omdat ik nog nooit iets dergelijks getekend had. Veel documentatie was er toen niet, nu is dat allemaal veel ruimer..."

Joris Valckenier
Joris Valckenier

Ook tekende Stapel de dagstrip 'Huon de Neveling':

"Huon de Neveling heeft een jaar of 4 gelopen en ik kreeg het verzoek van Toonder om voor De Telegraaf 'Floris' te gaan maken. Dat heb ik toen gedaan, waarbij ik van te voren met Het Laatste Nieuws afgesproken had, dat zij ook op 'Floris' over zouden gaan. Want twee stroken 'Huon' en een strook 'Floris' per dag kon ik nooit halen. Twee stroken 'Huon' ging net. Een keer of twee, drie hebben ze een dag over moet slaan omdat het me niet gelukt was. Het was ook wel een beetje een opluchting dat ik terug kon gaan naar een strook per dag met 'Floris'."

Huon de Neveling
Huon de Neveling

De lengte van de verhalen van Stapel liep nogal uiteen. Dit kwam doordat hij nooit dacht aan publicatie in album-vorm. Na 'Floris' kwam 'Arman en Ilva'. Vlak voor 'Arman en Ilva' heeft Stapel nog een proef getekend voor een nieuwe opzet van 'Kapitein Rob', die uiteindelijk is tegengehouden door mevrouw Kuhn. Na 'Arman en Ilva' heeft hij nog 'Guus Arend' voor Eppo getekend in 1978. In diezelfde periode tekende hij voor Donald Duck de serie 'Jonne'.

"De tekst voor die strip zou eigenlijk door Soeteman worden geschreven, maar die liet na een paar bladzijden weten dat hij zijn tijd nodig had voor de film 'Soldaat van Oranje'."
Jonne
Dus was Stapel genoodzaakt om alleen verder te gaan. Na 1978 heeft Stapel nog 'Lancelot' en 'Gawijn' voor Taptoe gemaakt. In het begin van de jaren tachtig zijn veel van de strips uit de Toondertijd uitgegeven door Arboris, in samenwerking met Het Stripschap. In de negentiger jaren is de fakkel overgenomen door uitgeverij Boumaar, die 'Ocke Ockinga' in een prachtige luxe serie heeft uitgegeven. In 2003 werd Stapel door het Stripschap bekroond met de Bulletje en Boonestaak-Schaal .

Ocke OckingaOcke OckingaOcke Ockinga

Meer over Gerrit Stapel:
Toonder Studio's

1980-1990: krantenstrip

Engelse biografie in de Comiclopedia

Register van tekenaars
Gerrit Stapel